PISO vormt talent
Jouw klastitularis houdt je op de hoogte van schoolse en naschoolse activiteiten. Zit je met een vraag? Loop je ergens tegenaan? Spreek je klastitularis erover aan. Hij of zij is jouw eerste contact bij kleine of grote persoonlijke problemen. Je klastitularis luistert aandachtig naar jou en je ouders tijdens oudercontacten, rapportbesprekingen, voor of na de les en tijdens de speeltijden.
De leerlingbegeleiders of de graadcoördinatoren voor de eerste, tweede en derde graad staan klaar voor leerlingen en hun ouders. Spreek ze aan over leerproblemen of algemenere bezorgdheden zoals relaties, risicogedrag, naleving van het schoolreglement en spijbelen. Eventueel komen ze op jouw vraag ook tussen bij problemen die het lesgebeuren overstijgen.
Eerste graad: Mevrouw An Veulemans
Tweede graad: Mevrouw Lies Billet
Derde graad: Mevrouw Melissa Provoost
We zetten binnen onze school heel erg in op leerlingenbegeleiding. De zorg voor onze leerlingen is immers groot. Door hen optimale ontwikkelingskansen te geven en hen te begeleiden groeien ze immers op tot gelukkige, positief denkende mensen en kritische jongeren. En dat met een rugzak vol talent.
| Gebruik maken van verschillende werkvormen | Beschikbare leerstofoverzichten |
| Differentiëren in de klas naar niveau, snelheid, instructie, ondersteuning, … | Remediëring en opvolging bij minder goede resultaten |
| Algemene en vakgebonden studietips | Lesuur studiebegeleiding 1e graad |
| Voorlezen van vragen op taken/toetsen | Mondelinge toelichting bij taken/toetsen/examens |
| Duidelijke correcte vraagstelling bij taken/toetsen/examens | Voldoende tijd om toetsen en examens af te werken |
| Huiswerkklas op vraag van ouders, leerling, klassenraad, ... | Ingevulde digitale agenda/taken- en toetsenplanner |
| Gebruik van voorleessoftware (SPRINT); sprint online voor iedere leerling beschikbaar. | Vaste plaats in de klas/praktijkruimte |
| Gebruik van laptop/chromebook | Examens in de zorgklas: - Extra tijd voor toetsen en examens - Leerkracht komt langs om eventuele vragen te beantwoorden & voorlezen van vragen op examens - (Examens in de zorgklas op PC worden in de eerste plaats besproken met de vakleerkracht naargelang het examen, functioneren van de leerling in de klas,...) |
| Gebruik van rekenmachine | Ingevulde cursussen ter beschikking via Smartschool - (ADIBIB-boeken moeten door ouders zelf aangevraagd worden) |
| Gebruik van koptelefoon |

Aan de basis van onze visie op zorg en de manier waarop we leerlingbegeleiding willen realiseren, liggen de grondbeginselen van ons pedagogisch project:
“Leerlingen optimale ontwikkelingskansen bieden en ze begeleiden zodat zij kunnen opgroeien tot gelukkige, positief denkende mensen en kritische jongeren, kan niet zonder een duidelijk onderwijsvisie en strategie.”
“Ons pedagogisch project opteert voor een dynamisch mens- en maatschappijbeeld en beoogt de vorming van vrije mensen. In de ontwikkelingsbegeleiding van de jongeren leggen wij de klemtoon: én op de mens als individu én op de mens als gemeenschapswezen.”
Van hieruit willen we leerlingbegeleiding het doel toekennen leerlingen te begeleiden in hun persoonlijke, intellectuele, sociale en culturele ontwikkeling. Onze leerlingenbegeleiding vertrekt steeds vanuit het zorgcontinuüm. Maatregelen zijn steeds gericht op de ontplooiingskansen van alle leerlingen met het oog op maximale leerkansen voor alle leerlingen. De leerlingenbegeleider coördineert alle acties die erop gericht zijn te zorgen voor een goed leef- en leerklimaat en/of die anticiperen op de mogelijke zorgvragen van de leerlingen. Wanneer er zich zorgvragen voordoen bij leerlingen/leerkrachten, gaan we op zoek naar een gepaste aanpak of oplossing.
Leerlingbegeleiding is een taak van het ganse schoolteam. Daarom werken wij vanuit het zorgcontinuüm. Leerlingenbegeleiding begint bij de leerkracht. Het is de vakleerkracht die, naast het individueel welzijn van de leerling, het groepsproces en leefklimaat in de klas in het oog houdt. Hij/zij vormt de brede basiszorg (fase 0) van waaruit acties ondernomen worden of hulp geboden wordt. De leerkracht kent de leerling het beste. De leerlingenbegeleider neemt binnen deze fase een coachende rol aan. De leerlingenbegeleider zal met andere woorden de leerkrachten ondersteunen wanneer dit nodig blijkt. Wanneer leerkrachten vragen hebben of moeilijkheden ondervinden, gaan we samen op zoek naar een gepaste aanpak. Bedoeling is dat de leerkracht zich opnieuw voldoende ‘gewapend’ voelt om de nodige zorg te bieden aan de leerling(en).

Via de begeleidende klassenraden kunnen de leerkrachten met collega’s en leerlingenbegeleider overleggen indien de acties binnen de brede basiszorg niet voldoende blijken om tegemoet te komen aan de leerzorgen van een leerling. Op dat moment wordt besproken welke bijkomende acties of maatregelen er genomen zullen worden en spreken we bijgevolg over verhoogde zorg (fase 1). Binnen de verhoogde zorg kunnen leerlingen ook terecht bij de leerlingbegeleiders. Deze stap wordt zo laagdrempelig mogelijk gehouden. In de beste omstandigheden worden de leerlingen doorverwezen door een leerkracht, maar zij kunnen bij de leerlingenbegeleider ook steeds rechtstreeks terecht met zorgvragen. Leerlingbegeleiders bieden een luisterend oor en trachten via één of meerdere gesprekken en/of acties tot een oplossing te komen. Indien nodig kunnen de gesprekken/acties uitgebreid worden naar meerdere personen/de klasgroep. Relevante partners (zoals ouders, voogd…) worden zoveel mogelijk betrokken. De interactie/communicatie tussen het schoolteam en de ouders/voogd is van essentieel belang voor een goede begeleiding.
Ouders zijn ervaringsdeskundigen wat hun kind betreft. Zij kunnen problemen of moeilijkheden vaak kaderen voor de school. Het versterken van het netwerk rond de leerling verhoogt de slaagkansen op school.
Soms is het nodig om de zorgvraag van een leerling te bespreken tijdens de wekelijkse cel leerlingenbegeleiding samen met het CLB. Het CLB neemt in deze fase enkel een consulterende rol op.
Indien ook de maatregelen binnen de verhoogde zorg onvoldoende blijken om een antwoord te bieden aan de zorgvragen van een leerling, wordt dit allereerst op de cel leerlingbegeleiding besproken. De CLB-medewerker zal vanaf nu een HGD-traject 1 opstarten, waarna een mogelijke verdere doorverwijzing kan gebeuren. Eveneens kunnen externe partners, zoals Ondersteuningsnetwerk Centrum, JAC, .… betrokken worden in het zorgproces van een leerling. Op dat moment spreken we van uitbreiding van zorg (fase 2).

Soms gebeurt het dat we via uitbreiding van zorg nog niet het gewenste resultaat halen en botsen we op onze zorggrenzen. In zo’n situatie moeten we de keuze bekijken om over te stappen naar een IAC. Dat kan door een overstap naar een andere school die beter kan inspelen op de onderwijsbehoeften van de leerling of door een individueel aangepast curriculum binnen onze school. Dit advies komt er enkel na overleg met alle partijen en na de conclusie dat alle andere maatregelen geen resultaat boekten of dat het welbevinden van het kind er erg onder lijdt.
Basiszorg – fase 0
– Voor alle leerlingen
– Door het ganse schoolteam
Verhoogde zorg – fase 1
– Voor leerlingen met specifieke zorgbehoeften
– Door de eigen leerkrachten of leerlingbegeleider, liefst in eigen klas
– CLB: consultatieve rol
Uitgebreide zorg – fase 2
– Voor leerlingen met specifieke zorgbehoeften
– Het CLB start een HGD-traject*
– Betrekken van externe partners zoals Ondersteuningsnetwerk …
Individueel aangepast curriculum– fase 3
– Onderwijs op maat
– Hulp bij eventuele overstap
Aangezien leerlingenbegeleiding op onze school een taak is van het volledige schoolteam, neemt het aspect ‘informatiedoorstroming’ een belangrijke plaats in. Deze informatiedoorstroming gebeurt via verschillende kanalen:
– zorglijsten met belangrijke informatie vanuit intakegesprek
– informele overlegmomenten
– leerlingvolgsysteem
– wekelijkse cel leerlingbegeleiding (CLB-medewerkers, leerlingbegeleiders, leerlingensecretariaat (afwezigheden))
– overlegmomenten ouders/oudercontact
– begeleidende klassenraden (leerkrachten, leerlingbegeleiders, directie)
We vertrekken in ons zorgproces steeds vanuit en werken altijd met de leerling. Zelf heeft de leerling vaak goede verklaringen voor zijn/haar gedrag en kan hij/zij zinnige oplossingen aanreiken. We betrekken de leerling bij de verschillende stappen/acties die worden ondernomen om de vertrouwensband niet te schaden.
Onze leerlingbegeleiding steunt op de zeven uitgangspunten van handelingsgericht werken.
1. We kijken naar een leerling vanuit zijn onderwijsbehoefte en niet vanuit de beperkingen, omdat dit remmend werkt. We kijken naar wat de leerling binnen zijn context (ouders, leerkracht, school) nodig heeft om goed te kunnen studeren en zich goed te voelen binnen onze school.
2. We bekijken de leerling in interactie met zijn omgeving. Elke leerling ontwikkelt zich in een context. Elke leerling is anders, komt uit een ander gezin en heeft een andere band met de leerkracht. Hoe kunnen we de leerling zo goed mogelijk ondersteunen in zijn specifieke situatie?
3. We hebben aandacht voor systematische en transparante procedures. Het schoolteam maakt dagelijks gebruik van het leerlingvolgsysteem. We handelen planmatig en transparant. We maken binnen onze school ook systematisch gebruik van communicatiemiddelen zoals SODA-rapporten, remediëringsformulieren, om een duidelijk en samenhangend beeld van de leerling te krijgen.
4. We willen efficiënt handelen door enkel te onderzoeken wat noodzakelijk is om de hulpvraag van de leerling te beantwoorden. Dat betekent dat we doelgericht werken. Waar willen we naartoe? Wat willen we bereiken? Wat hebben we hiervoor nodig?
5. We betrekken elke actor in het begeleidingsproces en werken constructief samen. De leerling als centrale figuur, de ouders als ervaringsdeskundige, de leerkracht als onderwijskundige, het CLB als professional. Indien nodig betrekken we ook andere actoren.
6. We vertrekken steeds vanuit wat er goed loopt en halen hieruit positieve punten en sterktes waarmee we aan de slag kunnen gaan. Aandacht voor het positieve biedt ook tegengewicht aan het vormen van een te negatief, problematisch beeld. We spreken de leerlingen, ouders, leerkrachten en school aan op hun sterke kanten.
7. De leerkrachten en ouders doen ertoe. Leerkrachten leveren een cruciale bijdrage aan de positieve ontwikkeling van leerlingen. In het bieden van een zo optimaal mogelijk leerklimaat moeten leerkrachten ondersteund worden. Het professionaliseringsbeleid van onze school is erop gericht de leerkrachten in deze taak maximaal te ondersteunen. Evenzeer hebben ouders invloed op het schoolsucces van hun kinderen. Ze kunnen het onderwijs ondersteunen, maar ook onbedoeld of onbewust ondermijnen.
Onze leerlingbegeleiding situeert zich op vier begeleidingsdomeinen:
1. Studie- en beroepskeuze
Leerlingen moeten in hun schoolloopbaan op geregelde tijdstippen een studiekeuze (beroepskeuze) maken. Keuzebegeleiding wil leerlingen helpen bij het kiezen op een verantwoorde manier, bij het verhogen van de keuzebekwaamheid en bij het bieden van hulp hierbij. Naast de leerlingbegeleiding bestaat er binnen onze school ook de werkgroep OLB (onderwijsloopbaanbegeleiding) die mee de krijtlijnen uitzet en acties concretiseert. Daarnaast is er het aanbod van de huiswerkklas die vier keer per week na de schooluren doorgaat. Tijdens dit uur kunnen leerlingen onder supervisie hun huiswerk maken en/of extra uitleg en begeleiding krijgen. Leerlingen die te kampen hebben met leermoeilijkheden krijgen extra begeleidingsmaatregele in de klas en tijdens de examens (verhoogde zorg). Ook ouders worden bij het begin van het schooljaar betrokken bij de ondersteuning van hun kind bij het studeren. Ze worden hierbij wegwijs gemaakt in ons online studieplatform ‘Smartschool’, waar ze kunnen volgen welke taak of les moet gemaakt/geleerd worden.
2. Leren en studeren
Effectief studeren is belangrijk. Hierbij gaat het om studievaardigheid, studiegewoonten en studiehouding, maar ook om extra leerhulp voor leerlingen met leermoeilijkheden. In de eerste graad wordt een uur studiebegeleiding ingericht waarin leerlingen leren hoe ze efficiënt kunnen studeren en tools aangereikt krijgen om hun leeromgeving zo optimaal mogelijk te benutten.
3. Socio-emotionele ontplooiing
Hierbij staat het welbevinden van de leerling centraal (o.m. individuele ontwikkeling en sociaal functioneren). Als school komen we niet zelden in contact met leerlingen met gedrags- en/of emotionele problemen. We vinden het uitermate belangrijk deze leerlingen – in samenwerking met de leerkrachten en ouders – op een gepaste wijze te ondersteunen en te begeleiden zodat hun slaagkansen zo weinig mogelijk in het gedrang komen. Als school streven we ernaar om hierbij zoveel mogelijk in te zetten op preventie en herstelgericht werken.
4. Fysiek welbevinden
Onze school promoot een gezonde levensstijl en voert zowel op school-, klas- als op leerlingenniveau doorheen de schoolloopbaan van de leerling verscheidene acties in het kader van een preventief gezondheidsbeleid.